Mon Nov 18 2019

11 18

De twee gezichten van EMO Milano 2015

20/11/2015

Door Liam van Koert

De EMO is ’s werelds grootste metaalbeurs. Soms vindt hij plaats in Milaan, soms in Hannover. In beide gevallen zijn alle wereldspelers flink vertegenwoordigd. En in beide gevallen komen bezoekers van heinde en verre. Toch zijn er ook grote verschillen. 


     

Een kijkje achter de schermen van editie Milaan leert ons dat zowel bezoekers als exposanten de vruchten plukken van Italiaans schoon, maar ook de prijs betalen voor een wispelturige ‘Italiaanse slag’.  Er gaan zelfs geluiden op dat deze ‘Italiaanse slag’ wel eens de spreekwoordelijke druppel kan betekenen.

Vanaf Malpensa is het een half uurtje met de bus naar de Fiera Rho. Het is druk. Want gelijktijdig met de EMO gaan we ook de eindsprint in van de Wereldtentoonstelling die voor een periode van enkele maanden hetzelfde beurscomplex bestookt. Er zijn verschillende bussen van verschillende maatschappijen. Ook in Italië heeft de marktwerking in het openbaar vervoer zijn intrede gedaan. Het kaartje gekocht bij de enige man met de papieren rol en de buideltas begint de reis van het kastje naar de muur. De halte enkele meters verder is waar we moeten zijn. Voor nu. Want als de bus eenmaal arriveert, moeten we toch een andere hebben. Gelukkig bleek in dit geval één keer terug van de muur naar het kastje voldoende. De man met de papier en tas wachtte ons op. “Die bus? Nee, deze bij mij moet je hebben. Had ik dat niet gezegd dan?”

Romeinse schoonheid
Janus is een belangrijke god van het vroege Rome. In het spel der machten kreeg deze god van het begin en van het einde twee gezichten van een boze Jupiter. Die twee gezichten blijken goed gekozen voor een cultuur met een dubbel schoonheidsideaal. Al in de oudheid wordt het verschil tussen de Griekse- en Romeinse school duidelijk. De Grieken gaan voor een inherente schoonheid. Dingen kloppen tot in het kleinste detail. De Romeinen houden ook van mooi. Maar ook van praktisch. Dat wat je niet ziet, vergt minder aandacht. Zolang het maar werkt. In korte tijd  veroverden zij de wereld niet alleen met hun legers, maar ook met tal van praktische schone vindingen. Ook nu nog is design een belangrijk Italiaans ingrediënt. Mode, architectuur en keuken. Ze pleiten allemaal voor Milaan als host voor een wereldbeurs.  De Fiera Rho? Een schitterend staaltje Italiaanse bouwkunst. De bewegwijzering naar en van de hallen?  Hij mist zo nu en dan wat West-Europese logica en consequente aanpak. Het eten tijdens de lunch? Letterlijk om je vingers bij af te likken. De zoektocht naar het restaurant? Een kastje naar muur naar kastje oefening met zeven tussenstops.

Spannende erfenis
Als bezoeker kan de tweeledige schoonheidsdefinitie bijdragen aan een geslaagde ervaring. Het is prettig dat de locatie zijn eigen gebruiken kent, en de globalisering wereldbeurzen niet tot eenheidsworst heeft gemaakt. Voor de exposant gelden er echter andere belangen. Zij hebben vele tonnen in dit samenzijn geïnvesteerd (zelfs elk metrostation in Milaan was beplakt met EMO-uitingen) en hebben weinig op met de erfenis van The Godfather en recentelijk meneer Berlusconi. Dit werd nog maar eens pijnlijk duidelijk tijdens de opbouw. Nu is het verplaatsen van bewerkingsmachines van een metertje of twintig zelden een inspirerende bezigheid. Maar wanneer er vervolgens geen stroom voorhanden is om de boel aan te sluiten, is dat best vervelend. Het vervolgens cash moeten afrekenen bij de elektricien van de betreffende hal om het toch voor elkaar te boxen, terwijl er voor deze service reeds duizenden euro’s zijn betaald, riekt naar corruptie. En hoewel het  waarschijnlijk een incident betreft – een ietwat opportune bijverdienactie van een elektrotechnisch individu – was dit zeker niet het geval voor het stroomprobleem. Veel opbouwstress, korte nachten en bedorven koelkasten waren het gevolg. En ondanks de batterijen aan opgestelde verdeelkasten, kon ook een ‘dark spot’ van pak hem beet tweehonderd vierkante meter worden waargenomen.

Koude soep
Het lastige met dit soort wandelgangverhalen is natuurlijk dat ze zelden met namen en rugnummers verteld worden. Hiervoor zijn de belangen te groot. Maar waarom niet ook dit gezicht van de EMO Milano 2015 met de lezer delen? Natuurlijk kunnen er parallellen met andere beurzen getrokken worden. Maar in dit specifieke geval gaan er serieuze  geluiden op dat de grote jongens het een beetje beu waren. Is Milaan nog wel de juiste plek, of kan het maar beter allemaal in Hannover plaatsvinden? Waarschijnlijk wordt de soep niet zo heet gegeten als deze wordt opgediend. Het zit nu eenmaal (gelukkig)  in de menselijke natuur om negatieve ervaringen te vergeten en mooie herinneringen op te poetsen. Bovendien zijn ook hier de belangen behoorlijk groot. De volgende EMO Milano staat gepland voor 2021. En over zes jaar is de soep naar alle waarschijnlijkheid behoorlijk afgekoeld.